Herken je dat? Je kind zit heerlijk op de vloer. Legoblokjes overal, een hele wereld in het hoofd, en urenlang geen kind aan ze.
Veel ouders vertellen op zulke momenten met een zucht van verlichting: "Het is zo’n fijne, zelfstandige meespeler. Ze vermaken zichzelf uren met hun eigen fantasie."
En eerlijk is eerlijk: dat is prachtig om te zien. Rust in huis, een kind dat helemaal opgaat in het eigen spel.
Maar soms zie je iets opmerkelijks gebeuren als er een buurkindje komt spelen. Of zodra een klasgenootje aanschuift en meedoet met de treinbaan. Ineens verandert de sfeer. Het spel stokt, er ontstaat kortsluiting of je kind trekt zich stilletjes terug.
Dat brengt ons bij een vraag die we ons niet zo vaak stellen:
Is urenlang alleen spelen een pure voorkeur — of is het simpelweg de meest comfortabele communicatieve situatie?
Als je kind alleen speelt, hoeft er namelijk niets afgestemd te worden. Er is geen overleg nodig over wie de rode auto krijgt. Niemand die de verhaallijn onverwachts verandert. En er zijn geen misverstanden die opgelost moeten worden. In het eigen hoofd klopt het verhaal altijd meteen. Je hoeft niets uit te leggen wat in je hoofd heel helder is, maar op de tong lastig te vormen valt.
Samen spelen vraagt juist enorm veel van de communicatie. Je moet onderhandelen, luisteren, wachten, bijsturen en begrijpen wat de ander eigenlijk bedoelt.
Wat we vaak in de praktijk zien, is dat kinderen die praten of begrijpen nog wat lastig vinden, onbewust een hele slimme strategie kiezen. Ze zoeken de rust op van het alleen spelen. Niet omdat ze niet wíllen samenspelen, maar omdat samenspelen simpelweg heel hard werken is.
Zo had je het misschien nog niet bekeken. Het is geen gebrek aan fantasie of sociale zin, maar een manier om de batterij te sparen.
Een klein experiment voor deze weekAls je kind weer eens heerlijk alleen zit te spelen, probeer dan eens dit:
Stap stil in de wereld: Ga er eens vlak naast zitten, zonder meteen iets te zeggen of vragen te stellen ("Wat ben je aan het maken?"). Pak gewoon een blokje of auto en doe na wat je kind doet.
Wacht eens vijf seconden langer: Als je kind kijkt naar wat jij doet, wacht dan even rustig af. Geef de ruimte. Kijkt je kind je aan? Glimlacht het? Dat is het allereerste, kleinste bruggetje naar samen communiceren, helemaal zonder druk.
Kijk naar de drempel: Let eens op wanneer het spel verandert. Is het op het moment dat er woorden nodig zijn? Of juist wanneer de bewegingen van de ander onvoorspelbaar worden?
Ontwikkeling gaat niet over 'moeten samenspelen' of geforceerd speelafspraakjes maken. Het gaat over begrijpen wat je kind nodig heeft om zich op z'n eigen tempo veilig te voelen in het contact met een ander.
Misschien herken je dit bij je eigen kind en vraag je je af hoe je die brug naar samenspelen op een rustige manier kleiner kunt maken. Twijfel je nog of wil je samen eens meekijken naar wat bij jullie past? Je bent van harte welkom.