Logopedie nieuws

De keukentafel zonder druk: waarom oefenen ook anders kan

De keu­ken­ta­fel zon­der druk: waar­om oe­fe­nen ook an­ders kan

Je zit op de bank. Het is eindelijk stil in huis.En daar ligt het mapje nog op tafel.Misschien kijk je er even naar… en denk je: vandaag is het er weer niet van gekomen.Dat gevoel kennen veel ouders.Niet omdat je het niet belangrijk vindt.Maar omdat je dag al vol zat voordat hij begon.En ergens wringt dat.Want je wilt het goed doen voor je kind.Maar wat als oefenen niet iets extra’s hoeft te zijn?Oefenen hoeft geen apart moment te zijnVeel ouders denken dat ze echt moeten gaan zitten.Rustig. Aan tafel. Met volle aandacht.Maar laten we eerlijk zijn: dat moment is er niet altijd.En als oefenen voelt als “iets dat nog moet”, wordt het zwaar.Voor jou. En vaak ook voor je kind.Binnen de logopedie kijken we daarom anders.Niet: hoe maak je tijd vrij?Maar: hoe laat je taal terugkomen in wat je al doet?Kleine momenten maken het verschilTaalontwikkeling draait om herhaling.Maar die herhaling zit juist in de kleine dingen.Verspreid over de dag.In gewone, dagelijkse momenten.Bijvoorbeeld:Tijdens het aankleden zeg je één woord nét iets duidelijker: “schoen”Aan tafel herhaal je een woord rustig: “boterham”Tijdens het spelen doe je een woord even langzaam voorHet zijn korte momenten. Soms maar een paar seconden.Maar juist die herhaling, op verschillende momenten, helpt je kind om klanken te herkennen en zelf te gebruiken.Elke klank telt.Gebaseerd op interne datasetinformatie zie je in de praktijk dat kinderen juist in deze dagelijkse situaties makkelijker nieuwe klanken oppakken en gaan gebruiken. Twijfel hoort erbijMisschien vraag je je af: doe ik wel genoeg?Die vraag is heel herkenbaar.En vaak is het antwoord: ja — als je deze kleine momenten regelmatig laat terugkomen.Niet perfect.Niet lang.Maar wel steeds een beetje.Tien seconden hier.Twintig seconden daar.Dat is hoe taal groeit.Stap voor stap groeien in taal.Wat je vaak merktOefenen voelt minder als moeten.Je kind haakt makkelijker aan.En er ontstaat meer rust in huis.En misschien wel het belangrijkste:je blijft in contact met elkaar.Want taal leert een kind niet alleen door te oefenen.Maar vooral door samen te beleven, te proberen en te herhalen.Aan het eind van de dag ligt dat mapje er misschien nog steeds.Maar het vertelt dan een ander verhaal.Niet van wat niet gelukt is.Maar van de kleine momenten die er wél waren.En precies daar begint groei.

12 mei 2026
De iPad en taalontwikkeling: wat helpt echt?

De iPad en taal­ont­wik­ke­ling: wat helpt echt?

Het is 17:15 uur. Je bent moe. De dag zat vol werk, regelwerk en ‘aanstaan’. Je kind vraagt om de iPad en jij verlangt even naar rust om te koken zonder strijd.Dus je geeft het scherm.Niet omdat je geen zin hebt. Maar omdat je even lucht nodig hebt.Veel ouders doen dit zo. Je bent echt niet de enige.En toch knaagt er soms iets.Je kijkt naar je kind en denkt: helpt dit eigenlijk wel voor zijn taal?Die twijfel is heel begrijpelijk.Waarom een app niet hetzelfde is als pratenVeel ouders kiezen bewust voor ‘educatieve’ apps. Logisch. Je wilt je kind helpen, ook als je zelf weinig tijd hebt.En ja, apps kunnen iets bijdragen.Ze laten woorden horen, beelden zien en kunnen interesse wekken.Maar taalontwikkeling draait om meer dan woorden herkennen.Taal groeit in contact.In het kijken naar elkaar, reageren, even wachten, en opnieuw proberen.In de logopedie noemen we dit ook wel beurtgedrag: het heen-en-weer in communicatie waarin een kind leert dat zijn reactie ertoe doet.Een scherm reageert altijd hetzelfde.Een mens niet.En juist dat verschil maakt uit.Het verschil tussen horen en gebruikenStel: je kind ziet een vogel op de iPad en hoort “vogel”.Dat is een begin.Maar taal ontwikkelt zich verder wanneer er verbinding ontstaat.Bijvoorbeeld als jij zegt:“Kijk, die vogel vliegt. Net als die duif vanmorgen bij de winkel.”Dan gebeurt er iets extra’s:je koppelt woorden aan ervaringenje geeft betekenisje lokt taal uitIn de praktijk zien we vaak dit verschil:kinderen die veel kijken herkennen woorden prima, maar hebben meer moeite om zelf iets te zeggen. Pas wanneer er interactie ontstaat, zie je dat taal echt op gang komt.Wanneer ouders actief meedoen, zien we meestal meer vooruitgang en motivatie bij kinderen. Betekent dit dat de iPad ‘slecht’ is?Nee.Het hoeft geen alles-of-niets verhaal te zijn.De iPad kan een hulpmiddel zijn.En soms is het gewoon nodig.Je hoeft het dus niet perfect te doen.Taalontwikkeling groeit stap voor stap, juist in de kleine momenten die je wél hebt.5 onverwachte manieren om méér taal uit schermtijd te halen1. Laat bewust een stilte vallenGa even naast je kind zitten en kijk mee… maar zeg niets.Wacht.Vaak gebeurt er dan iets kleins:je kind kijkt naar je, wijst of zegt iets.Dán reageer je.Zo ontstaat communicatie zoals die bedoeld is:initiatief → reactie → opnieuw proberen.2. Doe expres iets ‘verkeerd’Zeg iets wat niet klopt bij wat je ziet:“Die koe zegt miauw!”Je kind gaat je verbeteren.En ineens is het geen kijken meer, maar reageren.Je gebruikt nieuwsgierigheid als ingang voor actieve taal.3. Doorbreek het patroon van de appApps zijn voorspelbaar. Dat maakt kinderen passief.Verander dat:zet het geluid even uitpauzeer midden in een momentEn vraag:“Wat denk jij dat er nu gebeurt?”Je kind moet nu zelf woorden zoeken en zinnen vormen.4. Reageer groter dan normaalLaat meer emotie zien dan je gewend bent.“Wacht eens even… die auto vliegt?!”Door je reactie uit te vergroten, maak je het moment interessanter.Kinderen reageren sneller als iets hen verrast of laat lachen.Emotie helpt om taal uit te lokken.5. Kom er later op terug (dit maakt het verschil)De meeste winst zit niet tijdens het schermmoment, maar erna.Zeg later op de dag:“Die vogel van net… waar ging die ook alweer heen?”Je kind moet nu:herinnerenwoorden ophalenopnieuw vertellenEn precies daar groeit taal verder.De kernJe kind leert niet alleen van wat het ziet en hoort.Het leert vooral van wat er tussen jullie gebeurt.En dat zit vaak in kleine momenten.Een blik.Een reactie.Een korte zin.Niet perfect.Wel van grote waarde.

05 mei 2026
Twijfel over het taalniveau in groep 4? Zo krijg je weer grip

Twij­fel over het taal­ni­veau in groep 4? Zo krijg je weer grip

Beste leerkracht,Je zit nog even na in een lege klas.En je denkt aan die ene leerling.Je merkt het al langer: het taalniveau lijkt niet helemaal te passen bij de leeftijd.Een opdracht wordt nét anders uitgevoerd.Nieuwe woorden blijven niet hangen.En dan komt de vraag:zie ik dit goed?Die twijfel is heel herkenbaar.En belangrijker nog: hij zegt vaak al iets.In de praktijk zien we dat juist dit soort signalen — kleine misverstanden, moeite met abstracte woorden — vaak wijzen op een hapering in het taalbegrip of de woordenschatontwikkeling.Twijfel betekent dus niet dat er meteen iets mis is.Maar wel dat het waardevol is om beter te kijken.Gelukkig hoeft dat niet ingewikkeld te zijn.1. Kijk naar wat er al gebeurt in je klasTijdens je lessen zie je dagelijks hoe een kind met taal omgaat.Bijvoorbeeld:een leerling die het woord “oorzaak” hoort, maar niet goed weet wat ermee bedoeld wordt.Of een kind dat een instructie uitvoert, maar een stap overslaat.Dat zijn geen losse momenten.Dat zijn signalen.Door ze kort te noteren, maak je ze zichtbaar.Bijvoorbeeld:“heeft moeite met begrijpen van abstracte begrippen”of“voert opdrachten deels uit na klassikale instructie”2. Maak je observaties concreet en toetsbaarJe gevoel is een goed startpunt.Maar je helpt jezelf verder door het concreet te maken.Stel jezelf vragen als:“Past dit bij de leeftijd?”“Zie ik dit vaker terug?”Zo ontstaat er een duidelijker beeld van de taalontwikkeling.En dat maakt het verschil tussen een vermoeden en een onderbouwde observatie.3. Deel wat je ziet – dat geeft richtingWanneer je je observaties deelt, verandert het gesprek.Met een IB’er.Met ouders.In plaats van:“Ik heb het idee dat…”zeg je:“Ik zie dat hij moeite heeft met woorden zoals ‘oorzaak’ en ‘gevolg’, en dat heeft invloed op het begrijpen van instructies.”Dat maakt het concreet.En helpt om samen de juiste volgende stap te bepalen.In de praktijk merken we dat dit soort gerichte observaties vaak sneller leiden tot passende ondersteuning — juist omdat iedereen hetzelfde beeld heeft.Je hoeft het niet alleen te doen.Taalontwikkeling volg je samen.En door stil te staan bij wat je al ziet, ontstaat er iets belangrijks:rust, overzicht en richting.Stap voor stap.Zoals taalontwikkeling ook verloopt.

28 april 2026
De kracht van herhaling: waarom je kind dingen 100 keer zegt

De kracht van her­ha­ling: waar­om je kind din­gen 100 keer zegt

“Papa kijk!”“Papa kijk!”“Papa kijk!”Je hoort het. En nog een keer.En nog een keer.Of dat ene boekje… dat je inmiddels bijna woord voor woord kent.Soms voelt het alsof je kind blijft hangen. Alsof het niet verder komt.Maar juist hier gebeurt iets heel belangrijks.Herhaling is hoe je kind leertVoor een kind is herhaling geen toeval. Het is oefenen.Binnen de logopedie weten we dat herhaling een belangrijke basis is voor taalontwikkeling. Door woorden en zinnen steeds opnieuw te horen en te gebruiken, worden ze als het ware opgeslagen en versterkt in het brein.Wat eerst nog zoeken is, wordt langzaam vanzelfsprekend.Wat er achter de schermen gebeurtAan de buitenkant lijkt er weinig te veranderen.Maar van binnen gebeurt er veel.Je kind:slaat woorden op in het geheugenoefent klanken steeds nauwkeurigerleert hoe zinnen zijn opgebouwdkoppelt woorden aan betekenisDoor herhaling worden woorden en klanken steeds meer geautomatiseerd. Dat betekent dat je kind ze uiteindelijk zonder nadenken kan gebruiken.In de praktijk zie ik vaak dat kinderen een woord eerst heel vaak herhalen, voordat ze het ineens spontaan in een nieuwe zin gebruiken.En dat is precies het moment waarop je merkt: er is iets gegroeid.Waarom het soms vermoeiend isEn ja… voor jou als ouder kan het best veel zijn.Nog een keer dat boekje.Nog een keer dezelfde vraag.Nog een keer “kijk dan!”Als je merkt dat je aandacht even wegzakt, is dat heel normaal.Je hoeft het niet perfect te doen om je kind goed te helpen.Zo kun je herhaling benutten (zonder extra druk)Kleine aanpassingen maken al verschil:Breid een beetje uit“Ja, dat is een auto.” → “Ja, een rode auto.”Voeg een korte zin toe“De auto rijdt hard.”Stel een eenvoudige vraag“Waar gaat hij naartoe?”Zo geef je nét iets meer taal mee, zonder dat het als oefenen voelt.Wat herhaling je kind nog meer geeftHerhaling geeft vertrouwen.Je kind weet wat er komt.Voelt zich zeker.Durft opnieuw te proberen.En juist vanuit die veiligheid ontstaat groei.Niet in één keer.Maar stap voor stap.Elke klank telt.

13 april 2026
Broers en zussen in therapie: hoe samen spelen helpt bij de ontwikkeling

Broers en zus­sen in the­ra­pie: hoe samen spe­len helpt bij de ont­wik­ke­ling

Wanneer één kind logopedie volgt, draait het thuis vaak om oefenen, luisteren en herhalen. Maar wat veel ouders vergeten: broers en zussen kunnen een grote rol spelen in de taalontwikkeling. Niet alleen als speelkameraad, maar ook als natuurlijke motivator. Deze dynamiek kun je als ouder op een speelse manier benutten, zonder dat het therapie lijkt.Kinderen leren veel via interactie met leeftijdsgenoten. Ouder-geïnitieerde taalstimulering in dagelijkse routines vergroot de transfer naar spontaan spreken.De kracht van voorbeeldgedragKinderen leren van kinderen. Een oudere broer die duidelijk praat, helpt vanzelf bij het aanleren van klanken en zinsstructuren. Een jonger zusje dat enthousiast reageert, moedigt aan om langer te praten. In logopedische termen noemen we dat modelling: het kind hoort goede taal, herkent het ritme van een gesprek en probeert het na te doen.Praktische tip: laat broers of zussen regelmatig meepraten tijdens een spelletje. Zinnen als “zeg jij het woord ook eens” of “ik hoor de s-klank” maken het luchtig en leerzaam tegelijk.Samen spelen is samen lerenSpel is de natuurlijke taal van kinderen. Wanneer broers en zussen samen spelen, oefenen ze ongemerkt beurtgedrag, luisteren, reageren en nieuwe woorden. In therapie zien we vaak dat de interactie tussen kinderen spontaner en minder corrigerend is dan tussen ouder en kind. Dat verlaagt de druk en verhoogt het plezier.Kies spelvormen met veel herhaling en taal, zoals bouwen, rollenspellen of memory met woorden die passen bij de therapiedoelen. Laat het kind dat logopedie krijgt de ‘leider’ zijn. Dat vergroot het zelfvertrouwen.In onze praktijk zien we dat betrokken broers en zussen de stap naar dagelijks, spontaan spreken versnellen.Een broer of zus is geen mini-therapeutHun rol is speels, niet sturend. Als een kind voortdurend wordt verbeterd, verdwijnt het plezier in praten. Benoem liever wat goed gaat: “Wat knap dat jij het zo duidelijk zei.” Geef complimenten aan beiden, de helper én de oefenaar.Maak kleine routines. Vijf minuten samen een klankspel doen of om en om voorlezen is vaak effectiever dan een lange oefensessie.Gezin als oefenomgevingIn gezinnen waar logopedie onderdeel wordt van het dagelijks leven, gaat de vooruitgang sneller. Broers en zussen zorgen voor herhaling in gewone momenten: aan tafel, in de auto of bij het tandenpoetsen. Ook emotioneel helpt het, want het kind voelt zich gesteund in plaats van anders.Geef elk kind een kleine taalrol. De één mag woorden aanwijzen, de ander de zin herhalen. Zo voelt iedereen zich betrokken en wordt oefenen iets wat bij de dag hoort.Wanneer even afstand beter isSoms werkt het samen oefenen niet. Jaloezie of vermoeidheid kunnen de sfeer beïnvloeden. In dat geval is het prima om het kind met therapie even exclusieve tijd met de ouder te geven. De logopedist kan helpen de juiste balans te vinden.Taal leren in verbindingOnderzoek naar sociale interactie in taalontwikkeling laat zien dat kinderen via samenwerking met leeftijdsgenoten sneller taalgedrag automatiseren. De logopedist helpt gezinnen om die natuurlijke momenten van taalstimulering te herkennen en in te passen in het dagelijks leven.Taal leren is geen solowerk. Samen lachen, praten en fouten maken hoort erbij. Want ieder kind leert anders, maar geen enkel kind leert alleen.Drie mini-momenten per dag die werkenAan tafel: woorden benoemen van het eten en elkaar laten radenOnderweg: korte taalspelletjes (“Wat rijmt op boom?”)Voor het slapen: één zin verzinnen over de dag en die samen aanvullenWanneer je logopedist inschakelenAls oefenen met broer of zus stress, ruzie of vermijding oproeptAls vooruitgang stokt ondanks korte, positieve oefenmomentenBij zorgen over verstaanbaarheid of terugval: plan een evaluatieDe voorbeelden zijn geanonimiseerd en bedoeld als algemene informatie. Bespreek met je logopedist wat past bij jullie gezin.

06 april 2026
Een kijkje in het werk van… Stephanie Hansen, logopedist bij Huis voor Logopedie

Een kijk­je in het werk van… Step­ha­nie Han­sen, lo­go­pe­dist bij Huis voor Lo­go­pe­die

Hoe zou jij jouw werk als logopedist uitleggen aan iemand die het niet kent?Als logopedist werk ik met kinderen die moeite hebben met de uitspraak van woorden en klanken of die achterlopen in hun taalontwikkeling. Denk aan moeite met het maken van zinnen, een beperkte woordenschat of het vertellen van een verhaal. Ook begeleid ik kinderen die nog weinig of helemaal niet spreken. Daarbij ondersteun ik ouders met praktische tips en adviezen om de ontwikkeling thuis verder te stimuleren.Daarnaast werk ik met volwassenen, bijvoorbeeld na een beroerte, om hen te helpen bij het herstellen van spreken, lezen en schrijven.Waarom heb je voor logopedie gekozen?Ik wist al vroeg dat ik graag met mensen, en vooral met kinderen, wilde werken. Eerst dacht ik aan kraamzorg, omdat ik dol ben op baby’s. Daarna heb ik de opleiding SPW in de kinderopvang gevolgd en afgerond. Later volgde ik de opleiding onderwijsassistent.Tijdens stages ontdekte ik dat klassikaal werken mij minder lag, maar één-op-één begeleiding juist heel goed bij mij paste. In dezelfde periode kreeg mijn oma een beroerte en kwam zij in aanraking met logopedie. Dat heeft mij geïnspireerd om voor dit vak te kiezen. Het combineren van ontwikkeling, begeleiding en het werken met zowel kinderen als volwassenen maakt het voor mij een mooie en afwisselende keuze.Wat betekent jouw werk voor cliënten? Waarom is dat belangrijk volgens jou?Mijn werk helpt cliënten om zich weer zelfstandig te kunnen uiten en communiceren met de wereld om hen heen. Voor kinderen betekent dit dat ze zich beter kunnen ontwikkelen en minder frustratie ervaren. Het is bijzonder om te zien hoe hun zelfvertrouwen groeit wanneer ze merken dat iets wat eerst moeilijk was, toch lukt.Ook voor ouders is het waardevol: wanneer zij vastlopen, kan ik hen weer op weg helpen. Voor volwassenen, bijvoorbeeld na een beroerte, betekent het dat zij hun plek in de maatschappij weer kunnen innemen. Dat maakt het werk voor mij heel dankbaar.Kun je een moment beschrijven waarop je dacht: “hier doe ik het voor”?Ik begeleidde een volwassen cliënt na een beroerte. Hij had moeite met duidelijk spreken, waardoor hij lastig te volgen was en dit invloed had op zijn dagelijks leven en communicatie met zijn omgeving. Samen met mijn stagiaire hebben we hem intensief begeleid.Bij het afscheid sprak hij zijn dankbaarheid uit, en dat raakte mij enorm. Het besef dat iemand door jouw hulp weer kan deelnemen aan de maatschappij, is heel bijzonder. Ook bij kinderen ervaar ik dit gevoel, vooral wanneer ouders tevreden en opgelucht zijn en hun kind beter mee kan komen.Wat vind je het mooiste aan werken met cliënten? Waarom juist dat?Het contact met zowel kinderen als ouders vind ik het mooiste. Kinderen geven snel vertrouwen, en ook ouders durven zich open te stellen. Dat maakt het werk persoonlijk en waardevol.Sinds ik zelf moeder ben, merk ik dat ouders zich nog meer begrepen voelen. Ik kan vanuit eigen ervaring meedenken, en dat versterkt het vertrouwen en de samenwerking.Wat maakt jouw werk soms lastig? Waarom is dat moeilijk? Hoe ga je daarmee om?Soms komen ouders omdat het ‘moet’, maar wordt er thuis weinig geoefend. Daardoor duurt een behandeling langer dan nodig, en dat kan lastig zijn om bespreekbaar te maken. Ook gesprekken waarin je adviseert om verder onderzoek te doen, blijven spannend omdat je niet weet hoe ouders reageren.Ik probeer hierin altijd open en eerlijk te communiceren en samen te kijken naar wat wél mogelijk is.Wat geeft jou energie in je werkdag? Waarom?De vrolijkheid en openheid van kinderen geven mij energie. Hun enthousiasme, blije gezichten en spontane knuffels maken elke dag bijzonder. Ook de positieve reacties van ouders geven veel voldoening.Daarnaast werk ik op een fijne plek in een gezondheidscentrum en heb ik een hechte samenwerking met mijn collega. We kennen elkaar goed en kunnen altijd bij elkaar terecht, wat het werk extra prettig maakt.Wat zou mensen misschien niet verwachten van jouw werk?Veel mensen denken dat logopedie alleen over spraak en taal gaat. Maar ons werk is veel breder. We behandelen ook lees- en spellingsproblemen en ondersteunen kinderen die moeite hebben met beginnend lezen. Die veelzijdigheid verrast mensen vaak.Wat heb je zelf geleerd door dit werk te doen? Waarom is dat belangrijk voor jou?Ik heb vooral geleerd om me goed in te leven in ouders. Sinds ik zelf kinderen heb, begrijp ik beter hoe lastig het kan zijn om oefenmomenten in te plannen in een druk gezin.Daarom kijk ik samen met ouders naar haalbare manieren om thuis te oefenen. Dat maakt de begeleiding realistischer en effectiever.Als je jouw werk in één zin moet samenvatten:Logopedie is voor mij een divers, waardevol en uitdagend vak waarin ik dagelijks het verschil maak in communicatie en kwaliteit van leven.

01 april 2026
Mijn kind praat weinig, maar begrijpt alles. Moet ik me zorgen maken?

Mijn kind praat wei­nig, maar be­grijpt alles. Moet ik me zor­gen maken?

Je stelt een vraag.Je kind kijkt je aan. Loopt weg. Doet precies wat je vroeg, maar zegt niets terug.En dan denk je: hij begrijpt me wel… maar waarom zegt hij zo weinig?Die twijfel is heel herkenbaar. Veel ouders lopen hier vroeg of laat tegenaan.Begrijpen en praten zijn niet hetzelfdeTaal bestaat uit twee delen.Begrijpen, wat je kind snapt. En praten, wat je kind zelf zegt.Bij sommige kinderen loopt dat niet gelijk op. Ze begrijpen veel meer dan ze laten horen. Dat zie je regelmatig bij jonge kinderen en dat kan passen bij hun ontwikkeling.Begrijpen ontwikkelt zich meestal eerder dan spreken.Wanneer past dit bij de leeftijd?Bij peuters zie je dit vaak. Ze luisteren goed, volgen opdrachten, reageren met gebaren of gedrag, maar praten nog weinig.Bij oudere peuters en kleuters verwacht je langzaam meer initiatief in spreken. Niet foutloos. Niet vloeiend. Maar wel zichtbaar groeiend.De belangrijkste vraag is daarom niet alleen hoeveel je kind praat, maar ook of er stap voor stap iets bijkomt.Wanneer is het goed om extra alert te zijn?Het is verstandig om verder te kijken als je meerdere van deze signalen herkent:Je kind praat weinig én laat weinig nieuwe woorden of zinnen horenJe kind raakt gefrustreerd omdat het zich niet goed kan uitenEr is weinig initiatief om te praten, ook in vertrouwde situatiesDe spraak blijft langere tijd op hetzelfde niveauAnderen begrijpen je kind moeilijk, ook wanneer het wel praatEén signaal op zichzelf hoeft niets te betekenen. Het gaat om het totaalbeeld en hoe dit zich in de tijd ontwikkelt.Waarom een kind weinig praat terwijl het veel begrijptDaar kunnen verschillende redenen voor zijn:Je kind is afwachtend of sterk observerendPraten voelt spannend of kost veel moeiteDe spraak- of taalontwikkeling verloopt tragerHet plannen van woorden en zinnen is lastigEr zijn weinig succeservaringen geweest in communicerenDit betekent niet automatisch dat er iets mis is. Wel zijn het signalen om serieus te nemen.Wat kun je thuis doen?Je hoeft niet alleen maar af te wachten. Kleine aanpassingen helpen:Benoem wat je kind doet, zonder steeds vragen te stellenGeef taal, maar laat ruimte voor een reactieReageer op elke poging tot communiceren, ook zonder woordenHoud je zinnen kort en je tempo rustigLeg geen druk op pratenTaal groeit het best in rust en veiligheid.Wanneer is logopedie zinvol?Als je merkt dat de kloof tussen begrijpen en praten groter wordt.Als je kind vastloopt of zichtbaar gefrustreerd raakt.Of als je twijfel blijft houden, ook wanneer je het tijd hebt gegeven.Een logopedist kijkt niet alleen naar woorden, maar naar het hele communicatieve plaatje: luisteren, reageren, initiatief, interactie en verstaanbaarheid. Vroeg meekijken kan veel onzekerheid wegnemen en richting geven.Tot slotJe kent je kind het best. Twijfel is geen overdrijving, maar een signaal om serieus te nemen.Taalontwikkeling verloopt zelden in rechte lijnen. Soms gaat begrijpen voorop. Soms praten. Soms even niets.En elke stap telt.

23 maart 2026
PROMPT - Blij­ven ont­wik­ke­len als lo­go­pe­dist

PROMPT - Blij­ven ont­­wik­­ke­len als lo­­go­pe­­dist

Binnen Huis voor Logopedie vinden we het belangrijk om ons vak te blijven verdiepen. Logopedie is voortdurend in ontwikkeling en nieuwe inzichten helpen ons om cliënten nog beter te begeleiden in hun communicatie.Daarom investeren we in scholing en specialisatie. Collega’s volgen regelmatig cursussen en opleidingen die aansluiten bij hun interesse en bij de vragen die we in de praktijk tegenkomen.Recent rondde Cindy de cursus Prompt af. Met deze cursus sluit zij aan bij collega’s Hannah, Stephanie en Femke, die deze scholing eerder al hebben gevolgd. Samen bouwen we zo verder aan onze kennis en aan de kwaliteit van onze zorg.Hieronder deelt Cindy haar ervaring:Een nieuwe kijk op spraakIn het kader van je bent nooit uitgeleerd, heb ik de cursus Prompt gevolgd. Wat een interessante cursus is dat, echt een andere manier om naar spraak en taal te kijken. Het is ook een hele intensieve cursus met heel veel informatie en waarin je echt moet schakelen in het denken maar ook in het doen. Nieuwe technieken, nieuwe inzichten maar tegelijkertijd ook heel mooi in te passen in alles wat we als logopedist al doen. En dat allemaal via de visie die ook zo belangrijk is binnen Huis voor Logopedie: we leveren maatwerk en we willen functioneel bezig zijn, zodat een kind of volwassenen beter kan meedoen in de maatschappij. Het is zoveel meer dan alleen een technische handeling, en heel veel dingen die je normaal signaleert krijgen nu opeens een heel andere betekenis.En nu….is het gaan doen, gaan experimenteren, gaan oefenen en de tijd nemen om alle inzichten te integreren, want dat is ook prompt: je kan niet alles in 1 keer, maar je gaat steeds meer groeien in wat je doet en ziet.Ik heb er zin in!Samen blijven lerenHet is mooi om te zien hoe collega’s nieuwe kennis en inzichten meenemen naar de praktijk. Zo blijven we ons vak ontwikkelen en kunnen we cliënten blijven ondersteunen op een manier die past bij hun dagelijks leven.

16 maart 2026
Mijn kind praat veel, maar is slecht verstaanbaar. Wanneer is dat normaal?

Mijn kind praat veel, maar is slecht ver­staan­baar. Wan­neer is dat nor­maal?

Je kind praat de hele dag.Over wat hij ziet, wat hij meemaakt en wat hij voelt. Je hoort hoeveel hij wil vertellen.En toch merk je soms dat je moet raden. Of invullen.Want niet alles komt even duidelijk over.Dat kan verwarrend zijn. En eerlijk is eerlijk: soms ook best onrustig.Veel praten en goed verstaanbaar zijn niet hetzelfdeTaalontwikkeling en spraakontwikkeling lopen niet altijd gelijk op.Taal gaat over wat je kind zegt. Woorden, zinnen, verhalen.Spraak gaat over hoe dat klinkt. De uitspraak van klanken en woorden.Sommige kinderen hebben veel te vertellen, maar hun mondmotoriek en klankvorming zijn nog volop in ontwikkeling. Dat betekent dat een kind talig sterk kan zijn, terwijl de verstaanbaarheid nog achterblijft.Dat komt vaker voor dan ouders denken.Wat past bij de leeftijd?Globaal zie je dit verloop:Rond 2 jaar verstaan ouders hun kind meestalRond 3 jaar wordt je kind ook voor anderen beter begrijpelijkRond 4 jaar is de spraak voor de meeste mensen duidelijkNa 4 jaar valt onduidelijke spraak vaker opDit zijn geen deadlines. Het zijn richtlijnen.Belangrijker dan de leeftijd is of je vooruitgang ziet.Wanneer is het goed om even stil te staan?Slecht verstaanbaar spreken hoeft geen probleem te zijn. Maar het is verstandig om alert te worden als:klanken vaak worden weggelaten of vervangenje kind vooral door jou begrepen wordtpraten steeds sneller en onduidelijker wordt bij enthousiasmeje kind boos wordt of afhaakt bij misverstandende verstaanbaarheid langere tijd hetzelfde blijftHet gaat niet om één moment. Het gaat om het patroon.Wat helpt thuis – en wat niet nodig isJe hoeft je kind niet te verbeteren.Ook herhalen of laten nadoen is meestal niet nodig.Wat wél helpt:rustig luisteren en tijd gevenwoorden correct terugzeggen, zonder nadrukzelf duidelijk en iets langzamer sprekenpraten leuk en ontspannen houdenZo leert je kind zonder druk. En met vertrouwen.Wanneer kan logopedie ondersteunen?Logopedie is geen noodrem. Het is begeleiding.Soms is één meekijkmoment genoeg om richting te geven. Soms helpt een korte periode oefenen om de verstaanbaarheid op gang te brengen.Twijfelen mag. Vragen stellen ook.Samen kijken geeft vaak meer rust dan blijven afwegen.Je kind wil communiceren. Dat is de basis.Van daaruit groeit de spraak, stap voor stap.

09 maart 2026
Spelletjes die taal én emoties stimuleren: waarom het zoveel verschil maakt

Spel­le­tjes die taal én emo­ties sti­mu­le­ren: waar­om het zo­veel ver­schil maakt

Een kind dat goed kan praten, kan ook beter vertellen wat het voelt. En een kind dat woorden heeft voor zijn emoties, voelt zich rustiger, begrepen en sterker.Taal en emotie zijn dus onlosmakelijk met elkaar verbonden: woorden geven richting aan gevoelens, en gevoelens geven betekenis aan taal.In de logopedie zien we dat kinderen die leren praten over emoties, niet alleen beter communiceren, maar ook beter kunnen omgaan met spanning, frustratie en verandering. Spel is daarbij de sleutel.Tijdens spel leert een kind luisteren, reageren, wachten, en zijn beurt nemen – allemaal vaardigheden die zowel taal als emotieregulatie ondersteunen.Spelletjes waarin taal en emotie samenkomen zorgen voor:Meer zelfvertrouwen: een kind voelt zich gehoord en begrepen.Betere sociale vaardigheden: het leert wat anderen voelen en hoe daarop te reageren.Rust en overzicht: woorden maken gevoelens hanteerbaar.PraktijkvoorbeeldIn de praktijk zagen we een jongen van vier die vaak boos werd als iets niet lukte. Tijdens het spel “Emotiekleuren” leerde hij stap voor stap woorden koppelen aan gevoelens. Eerst sprong hij alleen op de rode cirkel, maar na enkele weken zei hij spontaan: “Ik ben rood, want ik ben boos.” Vanaf dat moment kon hij zijn boosheid benoemen in plaats van schreeuwen – een kleine stap, maar met groot effect.Daarom delen we vijf eenvoudige spelletjes waarmee je thuis op een speelse manier aan taal én emotie kunt werken – zonder druk, mét plezier1. Het gevoelensmemoryGebruik kaartjes met gezichten die emoties laten zien: blij, boos, bang, verbaasd, verdrietig.Wanneer je een paar vindt, zeg je niet alleen de emotie, maar ook een zin: “Ik voel me blij als ik buiten mag spelen.”Zo leert je kind gevoelens koppelen aan situaties én woorden gebruiken om ze te benoemen.2. De knuffelkringIedereen in het gezin mag de knuffel doorgeven en één zin zeggen: “Vandaag was ik trots omdat…” of “Ik voelde me boos toen…”Kinderen leren dat gevoelens woorden mogen krijgen. Het maakt praten over emoties net zo gewoon als praten over wat je hebt gegeten.3. De spiegelspelletjesGa tegenover elkaar zitten en trek om de beurt een gezicht. De ander moet raden welke emotie erbij hoort.Voeg daarna woorden toe: “Je kijkt alsof je schrikt!” of “Ik denk dat jij je verveelt.”Zo leert je kind gezichtsuitdrukking koppelen aan taal en situaties, wat helpt bij sociale vaardigheden.4. EmotiekleurenTeken gekleurde cirkels op de vloer: rood voor boos, blauw voor verdrietig, geel voor blij, groen voor rustig.Zeg een zin: “Ik voelde me blij toen ik met oma speelde.” en laat je kind op de juiste kleur springen.Door bewegen, horen én praten tegelijk wordt het gevoel beter verwerkt – ideaal voor kinderen die veel energie hebben.5. Het rollenspel “Wat als…”Gebruik poppen, knuffels of Playmobil. Speel korte situaties na, zoals “de beer mag niet meedoen” of “het popje is bang in het donker”.Laat je kind vertellen wat er gebeurt en hoe de figuurtjes zich voelen.Via spel leert een kind emoties herkennen, benoemen en reguleren, zonder dat het te persoonlijk wordt.Waarom dit werktTaal helpt kinderen om emoties te ordenen.Wanneer woorden beschikbaar zijn, verdwijnt een deel van de spanning.Kinderen die leren praten over gevoelens, begrijpen zichzelf beter en kunnen beter aangeven wat ze nodig hebben.Logopedische interventies die taal en emotie combineren, zorgen bovendien voor een sterkere motivatie, meer plezier in contact en beter samenspel binnen het gezin.Gebaseerd op interne datasetinformatie en praktijkervaring binnen Praatjuf. Aan de slag thuisWil je deze spelletjes zelf proberen met je kind?Bekijk onze oefenpagina met praktische taal- en emotieoefeningen voor thuis.Ontdek hoe je op een speelse manier woorden én gevoelens kunt oefenen – stap voor stap, met plezier.praatjuf.nl/logopedie-oefening/praatjuf-praatplaat-thema-samen-spelen-oefeningen-voor-thuiAuteursvermelding:De voorbeelden zijn geanonimiseerd en bedoeld als algemene informatie.Raadpleeg altijd je eigen logopedist bij specifieke vragen of zorgen over de ontwikkeling van je kind.

23 februari 2026
sluiten

Meld je aan voor onze maandelijkse logopedie oefeningen

Wij zijn aangesloten bij

DTL Proof
Gezondheidscentrum Didam
Gezondheidscentrum Waalsprong
Kiwa
KP
Praatcoach
Praatjuf
NVLF
ParkinsonNet
Unik
Werken bij Praatjuf
x

Heb je een vraag? Bel ons! Bereikbaar van ma t/m vrijdag van 08:30 - 17:00

Praatjuf